Božena achterna - woonplaatsen: 1838-1839 Josefov

In mei 1838 verhuizen Božena en haar man naar Josefov, eveneens in de regio Náchod, zo’n 25 km zuidwestelijk van Červený Kostelec.
Op initiatief van keizer Josef II werd hier tussen 1780-1787 een vesting gebouwd ter bescherming van de landsgrenzen tegen het offensieve Pruisen.
De vesting werd te zijner ere Josefstadt genoemd. De vesting Josefov maakt nu deel uit van Jaroměř en ligt vlakbij de samenloop van de rivieren Labe en Metuje.


Hier werd op 8 augustus in hotel Veselý hun zoon Hynek geboren.
Later woonde de familie nog op de 2e verdieping bij koopman Hlávka in de Tržní ulice 67.

Božena maakte in haar werk vaak gebruik van jeugdherinneringen. Haar verblijf in Josefov heeft geen echte sporen nagelaten of het zou moeten zijn in het verhaal van Babička (4e hfdst.) toen de grootmoeder als jong meisje in Pless (later Josefov genoemd) keizer Josef II ontmoette en van hem een zilveren taler kreeg.

Ze vertelde daarover het volgende:
Toen (de vesting) Josefov gebouwd werd (1780-1787), was ik (grootmoeder Madla) nog een jong ding. Wij woonden in Olešnice, en onze buurvrouw was de weduwe Novotná, die als weefster haar brood verdiende. Toen ik eens bij haar was zei ze tegen mij: "Kom hier bij de weefstoel zitten en leer wat. Het zal je nog van pas komen. Jong geleerd is oud gedaan". (En ik had het al gauw onder de knie). Als zij weer enkele dekens klaar had, droeg de weduwe Novotná ze naar Jaroměř of Josefov om te verkopen. Op een keer mocht ik mee om de vracht te helpen dragen.
Bij Josefov zagen we een heer die een voorwerp in de hand had dat ik niet thuis kon brengen. Hij bracht het af en toe bij zijn gezicht en draaide langzaam in de rondte. Het lijkt wel een fluit, het is zeker een musicus!, dacht ik maar de weduwe Novotná legde uit dat het een kijker was waarmee men in de verte kan kijken.
De man sprak ons aan en vroeg ons waarheen we gingen en de weduwe laat haar dekens zien. Na een heel gesprek geeft de man de weduwe een briefje met een adres waar ze de dekens zouden betalen.

Aan mij gaf hij een zilveren taler en zei: "Bewaar deze taler als aandenken aan keizer Josef en zijn moeder (Maria Theresia) en bid voor hen. Het gebed van een onschuldige ziel is God lief. En wanneer u thuiskomt, kunt u vertellen wie u vandaag gesproken hebt: Ik ben keizer Josef!" En hij ging snel verder. In Josefov betaalde men voor de dekens drie maal de prijs die ervoor gevraagd was.

In september 1839 verhuisde de familie Němec naar hun volgende woonplaats: Litomyšl.


Wat is er te zien?

In de Tržní ulice 67 werd in 1922 een plaquette geplaatst..
Op het Božena Němcováplein tussen het voormalige militair ziekenhuis en hotel Veselý, vlakbij de plaats waar ze gewoond hebben, bevindt zich een standbeeld van beeldhouwer Josef Kalfus uit 1955.

Als men de wandelroute rond de vesting volgt, vindt men, hoog boven de rivier Metuje, een uitkijkpunt waar Božena Němcová vaak zat en pleegde te kijken in de richting van Česká Skalice (vyhlídka Boženy Němcové). Foto’s op https://www.turistika.cz/mista/josefov-vyhlidka-bozeny-nemcove/foto?id=399337
(Laatst geupdate: 26.02.2013)


> Sitemap [> Božena achterna]